Artikel
Geschiedenis van Kortrijk (deel 2): de Merovingische en Karolingische tijd (5de - 9de eeuw)
Datum publicatie: 09-02-2021, laatste update: 10-02-2021
Geschiedenis

In het eerste deel van de geschiedenis van Kortrijk bespraken we het Romeinse Kortrijk. In de vierde eeuw kregen de Salische Franken al de rechten om ten noord-oosten van onze streken (in Toxandrië, de oude naam van de Kempen) te verblijven. Ze werden toen gezien als bondgenoten van de Romeinen en verdedigden onze streken tegen invallers. Dit was ook het geval toen de Vandalen (Op hun beurt op de vlucht voor de Hunnen) op oudejaarsnacht 406-407 de onderbemande Rijngrens bij het Duitse Mainz doorbraken, de Franken versloegen en onze streken plunderden (hierbij profiterend van het Romeinse wegennetwerk). Hierna trokken de Vandalen verder naar het zuiden. Aangezien ook het militaire apparaat van de Romeinen verder naar het zuiden gedreven werd (ook al omdat de troepen terug naar Italië moesten voor de verdediging tegen de invallen van de Visigoten van Alarik [Zie 5 pg 23]), trokken de hier aanwezige Franken zich alsmaar minder aan van de Romeinse wetgeving en werden de echte heersers in onze gebieden. [Zie 2, 3] Door alsmaar hogere belastingen en een bloedzuigende staat met een egoïstische elite, werd het Romeinse burgerrecht in onze gebieden reeds een tijd versmaad en veracht door de gewone bevolking. Het werd het 'ieder voor zich' bij de bevolking. Een verval werd in gang gezet. Er was bijgevolg weinig enthousiasme om zich te verzetten tegen de Germaanse overheersing. [Zie 5 pg 17]

De Merovingen

Rond 430 veroverde de Frankische koning Chlodio de stad Doornik. Zoals in het vorige deel vermeld, was dit de hoofdstad van onze civitas. Hiermee konden de Franken het bestuur van deze civitas overnemen en de continuïteit van het voormalige Romeinse bestuur behouden. Onder zijn zoon Merovech werd Doornik de hoofdstad van een klein Salisch rijk. Merovechs zoon Childeric volgde hem rond 458 op en was mogelijk de heerser over de Romeinse provincie Belgica [Zie 4] . Het koninklijke graf van Childeric wordt in 1653 bij toeval ontdekt aan het uiterste einde van het Romeinse kerkhof te Doornik. [Zie 1]

De zoon van Childeric - Chlodovech oftewel Clovis - wordt in 466 geboren in Doornik en er ook opgevoed. Zijn rijk wordt verder uitgebreid en vormt Francië met Parijs als de nieuwe hoofdstad. Hierbij worden alle Frankische stammen verenigd (Salische en Ripuarische Franken). Clovis wordt dan ook door velen gezien als de stichter van het huidige Frankrijk. Vele van de Franse koningen zullen zijn naam dragen, namelijk Louis of Lodewijk.

Heel belangrijk is dat Clovis het katholicisme in onze streken introduceerde door zich te laten dopen. Verder streefde hij in zijn rijk ook naar het invoeren van de "romanitas", waarbij de Romeinse normen en waarden worden overgenomen zoals dat door het Christendom gebeurde. Hij zag zichzelf ook als onderworpen aan de wetten die hij invoerde: de Salische wet. Een belangrijk onderdeel hiervan was de erfopvolging, waardoor de kroon binnen de eigen dynastie gehouden kon worden (mannelijke opvolgers). Pas in 1991 werd dit onderdeel van de Salische wet in België afgeschaft. [Zie 5,6]

Uiteindelijk hebben de Merovingen tot de 8ste eeuw geregeerd en werd hun feitelijke macht steeds kleiner tot in 751 de laatste koning van de Merovingen werd afgezet door de machtige hofmeier Pepijn de Korte, zoon van Karel Martel en vader van Karel de Grote. [Zie 7]

De Karolingen

De naam van de Karolingen werd afgeleid van de eerder genoemde Karel Martel. Het is echter zijn kleinzoon Karel de Grote die sedert de middeleeuwen gezien wordt als één van de belangrijkste heersers van Europa. Hij werd al rond 800 terecht 'Vader van Europa' genoemd. Zijn beleid kenmerkte zich door de waardering van de klassieke en christelijke cultuur. In het rijk van Karel de Grote was er plaats voor verschillende subculturen, waarbij het Christendom voor de samenhang zorgde. Montesquieu formuleerde het als volgt: "Europa is slechts één natie die uit meerdere is samengesteld". [Zie 11]

Karel werd door de Paus tot keizer gezalfd en werd hiermee de beschermheer van het Christendom in het Westen. Het zorgde er tegelijk voor dat Rome (en meer algemeen de westerse christenen) onafhankelijk werd van de Oost-Romeinse keizer in Konstantinopel. In het keizerrijk ontstonden hierbij belangrijke kloostercentra zoals de Sint-Pietersabdij en Sint-Baafsabdij te Gent. [Zie 11, 12]

Karel de Grote had in zijn rijk bijna de absolute macht. Op lokaal niveau gaf hij de bevoegdheid aan een gouwgraaf (comes, comte) om in zijn plaats de orde te handhaven, recht te spreken, soldaten te werven en belastingen te heffen. [Zie 10 pg 33]. Een gouw (latijn: 'pagus', vandaar komt het franse woord 'pays') was de kleinste administratieve eenheid in het rijk (een substructuur van de civitas, die reeds in deel 1 besproken werd). Vanaf de achtste eeuw had je bijvoorbeeld de 'pagus Curtrecensis' waarvan Kortrijk de hoofdplaats was [Zie 10 pg 37, 12, 14 pg 8].

De graven van Vlaanderen zouden uiteindelijk ook afstammen van Karel de Grote, maar daarover meer in een volgend deel.

En in Kortrijk?

In Kortrijk zijn er enkele mogelijke Merovingische resten gevonden in de Doornikse- en Rijselsestraat en aan de Grote Markt. [Zie 13 pg 18]

In [9] lezen we dat volgens de overlevering (al dan niet terecht) de oudste Roeland -waar de huidige Patria staat- op de Grote Markt dateert van 607.

Vanaf de 7de eeuw begon het geloof zich ten noorden van Doornik te verspreiden via Ierse, Schotse en Franse monniken. Bekende voorbeelden waren de Aquitaniërs Sint-Amandus en Eligius (Sint-Elooi).

In 640 werd door Sint-Amand de eerste bidplaats in Kortrijk bouwde: een kapel toegewijd aan O.-L.-Vrouw en een klooster. Dit werd later de proosdij van Sint-Amand. Hier staat nu het Sint-Amandscollege. [Zie 9]

In 650 wijdt Sint-Elooi de eerste Sint-Maartenskerk. Deze kapel zou bestaan hebben tot de eerste helft van de 13de eeuw. [Zie 9]

Rond het jaar 700 was Vlaanderen op een paar woonkernen na nog eenzaam gebied. Door het terugtrekken van de zee kwamen in de 8ste eeuw meer Franken in het gebied wonen. [Zie 12]

Aan de hoek van de Grote Markt en de Doorniksestraat werden in 1955 bij bouwwerken overblijfselen gevonden van een woning/hut en een rechthoekige waterput uit de periode 800-900. Dergelijke overblijfselen zouden zeer zeldzaam zijn in ons land. Men vermoed dat deze woning uiteindelijk door vikingen werd verwoest. [Zie 15 pg 12]

Bronvermelding
(1) Peeters, P. , Desmaele, B., Bonnet, A. & Tack, A.(2013). Ontdekken Doornik. Doornik, België: Editions Wapica asbl.
(2) Demeester, L. (1990). De geschiedenis van Kortrijk. Tielt, België: Lannoo. (pg. 29-31)
(3) Blom, J. C. H., & Lamberts, E. (2016). Geschiedenis van de Nederlanden (4e ed.). Amsterdam, Nederland: Prometheus. (pg. 21-32)
(4) https://nl.wikipedia.org/wiki/Childerik_I
(5) Trouillez, P. (2019). De Germanen en het christendom, een bewogen ontmoeting in de 5de-7de eeuw. Utrecht, nederland: Uitgeverij Omniboek.
(6) https://nl.wikipedia.org/wiki/Salische_Wet
(7) https://nl.wikipedia.org/wiki/Merovingen
(8) https://nl.wikipedia.org/wiki/Pepijn_de_Korte
(9) Sevens, T. (1883). Kortrijk in het verleden. Kortrijk, België: Boekdrukkerij van Eugène Beyaert. (pg. 10)
(10) De Maesschalck, E. (2019). De graven van Vlaanderen (861-1384). Leuven, België: Davidsfonds / Standaard Uitgeverij nv.
(11) Bauer, R. (2019). Karel de Grote. Meppel, Nederland: Bariet Ten Brink.
(12) Nicholas, D. (2016). Vlaanderen in de middeleeuwen (2e ed.). Antwerpen, België: Overamstel uitgevers. (pg. 17-23)
(13) Despriet, P. (1990). 2000 jaar Kortrijk. Sint-Baafs-Vijve, België: Oranje.
(14) Waanders Uitgevers. (2007). 2000 jaar Kortrijk - Waar is de tijd - 1: een rijk verleden. Zwolle, Nederland: Waanders.
(15) Dewilde, B., & Vierstraete, J. P. (1982). Gids voor Groot-Kortrijk. Kortrijk, België: Delabie.

Kortrijk: gisteren, vandaag en morgen

© 2021

Disclaimer │ Icons made by Flaticon authors from www.flaticon.com is licensed by CC 3.0 BY │ Site developed by Bart Warnez │ GDB V2